Architectuur

Net als de andere textielfamilies worden de Ter Kuiles in de loop van de negentiende eeuw vermogend. Het geld dat verdiend wordt in de textiel wordt geïnvesteerd in (heide)grond om er vervolgens huizen of fabrieken op te bouwen. De meeste textielfabrikanten wonen tot begin 20ste eeuw in de stad Enschede, maar na verloop van tijd laten ze villa’s bouwen buiten de stad, zogenaamde buitenplaatsen.

De hele Marthalaan in Enschede is genoemd naar de in 1901 geboren jongste dochter van mr. E.H.K.J. ter Kuile, die de aanleg van de laan en het ontstaan van de fabrikantenwijk bevorderde. Het was een lange villalaan waarvan de grond vroeger toebehoorde aan het landgoed Het Wooldrik, dat in het bezit was van Hendrik Ter Kuile, de kantonrechter van Enschede. Het landgoed was toen groter dan wat we er nu van kennen, het Wooldrikspark. Het landgoed van Ter Kuile reikte toen tot aan de Velve en de rand van de Espoortstraat, ofwel de vroegere Gronausestraat. Rond 1887 werd door deze familie op dit landgoed een particuliere weg aangelegd vanaf de Gronauscheweg. Langs deze weg werden later een flink aantal prachtige villa’s gebouwd. Engelbert was de oudste zoon uit het gezin van het landgoed en trouwde met Lida Blijdenstein. Op haar 40ste beviel ze in 1901 van haar jongste dochter met de naam Margaretha Hermina [Martha]. Na een paar jaren vernoemde de gemeente in 1905 deze toenmalige particuliere straat naar het meisje en kreeg het de naam Marthalaan. De villa op de foto, met de naam Ravenhorst, werd rond 1908 gebouwd, om dan bewoond te worden door deze familie en dochter Martha. Deze laan groeide uit tot een ware ‘Ter Kuile-laan’, want op een gegeven moment waren er 6 villa’s bewoond door de familie ter Kuile.

Villa Ravenhorst uit 1908, Marthalaan 5, Enschede (gesloopt 1961)
Villa Ravenhorst in kleur met de tramlijn ernaast tussen 1908 en 1933
Marthalaan 12 in Enschede
tot ca 1979 het huis van Matthieu en Nans ter Kuile-ter Kuile – foto Ito Fiorito
Marthalaan12

Buitenplaatsen

In de 19e en begin 20e eeuw lieten veel textielfabrikanten een buitenplaats bouwen, vaak met een parkaanleg en soms ook een landbouwbedrijf. Op de buitenplaatsen konden ze ontspannen en genieten van de natuur. Vaak waren de buitenplaatsen ook investeringsobjecten. De fabrikanten kochten niet alleen grond voor een landhuis, maar investeerden ook in de ontginning van woeste gronden. De Nederlandsche Heidemaatschappij, opgericht te Arnhem in1888 door vooraanstaande industriëlen, speelde daar een actieve rol in met bijvoorbeeld het aanleggen van bossen. Daarnaast werden woeste gronden ontgonnen voor landbouw. Ook de familie Ter Kuile was actief in de bos- en landbouw. E.H.K.J. ter Kuile was een tijdlang voorzitter van de Nederlandsche Heidemaatschappij. B.W. ter Kuile dreef bij zijn landgoed Het Welna een veeteeltbedrijf met Friese koeien, een Hackney-merrie en een varkensfokkerij.


Landhuis Welna, Oldenzaalsestraat 5, Enschede. Gebouwd door textielfabrikant B.W. ter Kuile in 1906; architect Karel Joan Muller.

Het Smalenbroek is een landgoed aan de zuidzijde van Enschede, dat bestaat uit een historisch boerderijcomplex met herenkamer, een villa en landschapstuin. De geschiedenis gaat terug tot in het midden van de 14e eeuw. Van 1894 tot 1981 was het landgoed in handen van de fabrikantenfamilie Ter Kuile. Het werd eind 19e eeuw werd gekocht door M.E. ter Kuile. Deze gaf opdracht tot de bebossing van het perceel en de aanleg van een park met vijver in landschappelijke stijl, naar ontwerp van P.H. Wattez.
Op het oude boerenerve Wooldrik is door de tuinarchitect P.H. Wattez een buitengoed met vijver ontworpen, in 1883 werd er door het echtpaar Mr. Hendrik ter Kuile – Cromhoff een villa gebouwd. In 1950 is het geheel aan de gemeente Enschede geschonken en is het veranderd in een park.